|
De film waarin dit gebeurt is echter niet het levensverhaal Madiba, zoals Mandela in Zuid-Afrika genoemd wordt. Zijn autobiografie bleek niet geschikt voor een filmscenario en dus werd gezocht naar een alternatief. Gelukkig was er nog het boek Playing the enemy van John Carlin, over de onwaarschijnlijke wereldtitel voor de Zuid-Afrikaanse rugbyploeg in 1995. De titel bracht blank en zwart samen in een gewonde en verdeelde samenleving. Dat verhaal is Invictus.
De kersverse president Mandela erft een verdeelde samenleving, die schommelt tussen hoop, angst en wrok. Hij zoekt naar mogelijkheden om het land te verzoenen. Hij laat medewerkers van zijn voorganger De Klerk aanblijven en neemt ook zijn lijfwachten over. Mandela predikt vergeving en kijkt liever naar de toekomst dan naar het verleden. Daarbij zal hij regelmatig zijn aanhangers moeten tegensprekend. Velen van hen zinnen op wraak, na jaren van onderdrukking door blanke Afrikaners. Apartheid heeft diepe wonden geslagen. Ook de nationale rugbyploeg, de Springboks, voelt die wonden. Rugby is een echte blanke sport en de nieuwe zwarte elite zou het liefste helemaal opnieuw beginnen. Mandela steekt daar op charmante wijze een stokje voor. Hij wil dat het team in eigen land wereldkampioen wordt: een team, een land. Om de ploeg te inspireren geeft hij aanvoerder François Pienaar het gedicht dat hem op moeilijke momenten kracht gaf in de gevangenis op Robbeneiland: Invictus van W.E. Henley.
Out of the night that covers me,
Black as the pit from pole to pole,
I thank whatever gods may be
For my unconquerable soul.
Hoop en verzoening in een gespannen en verdeelde samenleving, daar gaat het om in Invictus. Er is veel onderhuidse spanning in de samenleving. Regisseur Clint Eastwood maakt die op luchtige wijze zichtbaar in de rivaliteit tussen Mandela’s blanke en zwarte lijfwachten. En ook als de rugbyploeg clinics geeft in townships, is er even die spanning als de kinderen het hardst juichen voor de enige zwarte speler in het team. Maar daarmee is Invictus nog geen zwaar verhaal. Mandela zelf is vooral een olijke man, die voortdurend zoekt naar manieren om mensen samen te brengen en de samenleving te helen. Maar, vraagt een medewerker, gebruikt u de rugbyploeg dan niet gewoon als een politiek middel? De president weifelt even en corrigeert haar: het is geen politiek middel, het is een menselijk middel. Na de bevrijding van zwart Zuid-Afrika moet tenslotte ook de tanende eigenwaarde van de blanken aandacht krijgen.
Qua tempo en camerawerk is Invictus een vertrouwde Eastwood-film. Het kleurgebruik is flets, het tempo rustig. Maar waar in Million Dollar Baby en Gran Torino een emotionele climax volgt, blijft die hier weg. Misschien omdat je al weet dat het verhaal goed afloopt, maar het kan ervoor zorgen dat het soms langdradig is. Bovendien zijn de dialogen soms al te uitleggerig. De kijker houdt niets te raden over. Dat de film geen Oscars opbracht, is dus begrijpelijk, al had Morgen Freeman best een prijs verdiend. Juist door het trage tempo krijgt het karakter Mandela alle ruimte en daar maakt Freeman gebruik van. Je voelt dat hij jaren op deze rol heeft gewacht.
Wat we over verzoening en vergeving kennen van Mandela, komt terug in Invictus. De film is in die zin weinig vernieuwend. Het gaat tenslotte vooral om de overwinnende sporters. Maar de boodschap is sterk. Mandela is in staat over zijn wrok en zijn trots heen te stappen, te vergeven en te verzoenen. Hij durft zijn boze maar hoopvolle achterban tegen te spreken en te zoeken naar eenheid. Dat is een boodschap voor alle tijden en een inspirerend voorbeeld. Vergeving blijft een tegendraadse en voor beide partijen bevrijdende daad.
Van KatholiekNieuwsblad 12-3-2010:
Sport is oorlog, zo hield Oliver Stone ons met het daverende Any Given Sunday voor. Clint Eastwood leek met zijn boksfilm Million Dollar Baby niet ver van die overtuiging af te staan. Maar vijf jaar later geeft hij blijk van een tegengestelde visie. Sport verbroedert, zelfs een woeste sport als rugby. Eastwood is in goed gezelschap, want Nelson Mandela denkt er ook zo over. In Invictus volgt Eastwood hem tijdens zijn eerste jaar als president, waarin Mandela zich hard maakte voor het nationale rugbyteam, dat door het winnen van het WK in Zuid-Afrika het einde van de apartheid symbolisch zou bekrachtigen.
Invictus gaat boeiend van start. Morgan Freeman kruipt, naar Mandela's wens, in diens huid. Freeman weet de wijsheid en integriteit van de president over te brengen en sleepte er een oscarnominatie mee in de wacht. Maar naarmate de film vordert, laat Eastwood steken vallen. In de tweede helft zien we niet veel meer dan onsamenhangende flarden rugby, waarbij Mandela is gereduceerd tot toeschouwer met grote glimlach. Het gewichtig citeren van het gedicht Invictus van William Ernest Henley maakt saaie sportbeelden, waarvan de uitslag allang bekend is, niet opeens betekenisvol. Het kan niet aan de hoge leeftijd liggen van de betrokken heren, want de nog steeds productieve Eastwood haalde vorig jaar met Gran Torino nog onze topzeven. Maar als zelfs bij rugby de braafheid er vanaf druipt, ga ik terugverlangen naar Oliver Stones sportieve oorlogsretoriek. Het kan toch niet Eastwoods bedoeling zijn dat je bijna gaat wensen dat Mandela wat minder pacifistisch zou zijn? Deze bijzondere man verdient een evenwichter portret.
|