Wanneer we vanuit een christelijk perspectief over speelfilms, Hollywood of de relatie tussen geloof en film spreken, dan doen we dat meestal vanuit een buitenstaanderperspectief. Weinig van ons zijn betrokken bij het produceren van films, laat staan dat iemand van ons in Hollywood werkt. En misschien willen sommigen juist een kritische afstand bewaren vanwege de slechte naam die de filmwereld onder christenen heeft. Maar er zijn ook christenen die bewust in Hollywood gaan werken omdat daar een wereld valt te winnen. Hoe kijken zij van binnenuit tegen de filmindustrie aan, tegen het scherm en de schijn, de glamour en de glitter?
Daarover gaat het boekje Behind the Screen, samengesteld door Spencer Lewerence en Barbara Nicolosi. Wie? Lewerence en Nicolosi, dat zijn de drijvende krachten van Act One, een netwerk voor christenen in Hollywood met als voornaamste activiteit een scholingsprogramma voor schrijvers en andere werkers in de filmwereld. In hun netwerk hebben ze een dozijn medewerkers en ex-cursisten gevraagd om bijdragen voor deze bundel over de vraag: wat heeft Hollywood nodig? Dit is het resultaat waarmee ze een kijkje geven in de keuken van de film- en televisiewereld (en op het christelijke keukenpersoneel).
Het aardige van het boek is dat er vanuit verschillende perspectieven wordt geschreven en een appel wordt gedaan op verschillende verantwoordelijkheden: er worden voorbeelden gegeven van christenen die schrijver zijn voor tv of film, die regisseur zijn, of producent, of nog weer iets anders. En die zien allemaal verschillende mogelijkheden om vanuit hun christen-zijn bij te dragen aan de productie van film of tv. Ik geef enkele voorbeelden.
Dean Batali, een auteur van televisieseries als That ’70’s Show, en Buffy, schrijft in zijn hoofdstuk over de ontluisterende wereld van de televisiekanalen. Televisie bestaat alleen om te adverteren en te verkopen, zo zegt hij. Ook al is een serie nog zo goed, als er te weinig mensen naar kijken van de juiste koopkrachtige leeftijd en sociale klasse, dan redt zo’n programma het niet. De bazen van de televisiekanalen laten zich dan ook niets gelegen liggen aan christenen. Hun waarneming is dat christenen hetzelfde kijken als niet-christenen, of dat ze alleen maar zeuren en boycotten, of überhaupt geen televisie kijken. Daar valt niks aan te verdienen, dus waarom zou je programma’s maken die rekening houden met die groep? Spraakmakend en grensverleggende televisie, dat verkoopt veel beter. Maar er is wel degelijk een manier waarop christenen televisie kunnen beïnvloeden, zegt Batali. Zeur- en klaagbrieven worden genegeerd. Maar televisiemakers zijn gevoelig voor positieve post. Dus moeten christenen vooral hun wensen en waardering kenbaar maken voor programma’s die hun wel goed bevallen. Geef een zender een compliment voor een aflevering waarin niet gevloekt werd. Maak je belangstelling kenbaar voor een serie waarin een positief gezinsleven of geloofsleven centraal stond. Enzovoort. Reken maar dat er naar geluisterd wordt. Als veel christenen opbouwende reacties geven op hoe het wel moet, dan leidt dat in de ogen van de leidinggevenden van de omroepen tot een specifieke afzet. En dat is wat we willen.
Iets dergelijks zegt Jonathan Bock, eigenaar van Mars Hill Media: ga meer films kijken. Stop met slechte films kijken en bezoek films die de moeite waard zijn. Hier hangt het niet van je kooplust af, zoals bij televisie, maar van de centjes die je aan de bioscoop betaalt. Het percentage kerkgangers onder de bevolking is groot genoeg om bioscoopbezoek te beïnvloeden! Het gaat dan in de filmindustrie al gauw om miljoenen kassucces en merchandise. Daar letten de studio’s en distributeurs echt wel op. Natuurlijk is de vraag aan welke film je dan je zuurverdiende geld besteedt. Bock stelt de 90% regel voor: als 90% van een film verheffend is en sporen in de richting van God bevat, steun die film dan. Het liefst en masse tijdens de première of het eerste weekend, want dat zijn voor de filmindustrie belangrijke graadmeters. Het mooie is, zegt Bock, dat niemand weet hoe je een kassucces maakt. Dus als de één een succes heeft, dan zal een ander onmiddellijk een vergelijkbare film maken. En als christenen en masse dan naar een succesvolle film gaan, dan beïnvloeden ze het maken van de volgende. Als ze met hun voeten (en portemonnees) voor bepaalde films kiezen, dan zullen minder films gemaakt worden die hen tegen de haren instrijken, en meer films die ze wel waarderen, en die christenen een plek teruggeven in mainstream kunst en entertainment.
Interessant is ook het argument dat christenen niet genoeg films kennen om de goede er uit te halen. Als we alles wat Bach of Luther in hun jonge jaren schreven zouden moeten pruimen, dan zouden we toch ook gillend gek worden? We pikken hun rijpere werk eruit en bewonderen dat. Zo moeten we ook in de filmwereld het kaf tussen het koren leren zien door goed geïnformeerd te worden. Christenen worden in de filmwereld gezien als zuurpruimen en zeurpieten (kijk maar hoe ze in films worden weergegeven), omdat men daar geen christenen kent die verstandig over films kunnen meepraten.
Ook wijs ik nog op het fraaie hoofdstuk van de jonge regisseur Scott Derrickson (The Exorcism of Emily Rose, The Day the Earth Stood Still). Hij neemt De Christenreis van John Bunyan als model en beschrijft zijn reis langs verschillende typen christenen op zijn pad door de filmwereld. Maar hij komt vanwege de eenzijdigheden die hij bij elk type tegenkomt bij slechts een type echt thuis: de kwaliteitsclub. Alleen het maken van films die ambachtelijk uitstekend zijn, verkoopbaar zijn, en morele integriteit hebben zijn bevredigend voor een christen op reis in filmland.
Andere hoofdstukken verkennen de spannende vragen waarom de beste films door niet-christenen worden gemaakt, hoe je als schrijver of componist een verheffende invloed kunt uitoefenen bij filmproducties, hoe je als persoon geestelijk gezond kunt blijven in de weinig verheffende omgeving van vedetteneigingen, geldwolven en ongezonde levensvisies, en waarom er niet een rijke Amerikaan is die een van de grote filmstudio’s opkoopt. De auteurs zijn niet de eersten de besten. Denk aan de producer van Star Trek films, de X-Men films en Fantastic Four, Ralph Winter, of schrijvers van andere bekende films en televisieseries. Het enige wat ik jammer vind is dat er geen christelijke acteurs aan het woord komen. Maar die zijn waarschijnlijk nooit bij Act One betrokken geweest.
Spencer Lewerence, Barbara Nicolosi (eds.), Behind the Screen. Hollywood insiders on faith, film, and culture, Grand Rapids MI: Baker Books, 2005. 216 pgs. Isbn 9780801065477.
REAGEREN
Reageer op deze recensie of plaats je eigen recensie van deze film! (alleen voor geregistreerde bezoekers)
Ben je nog niet geregistreerd? Meld je dan hier aan (gratis). Je ontvangt dan gelijk de
e-nieuwsbrief van BlikOpOneindig, zodat je op de hoogte blijft van nieuwe filmrecensies en artikelen op de site. Ben je al wel
geregistreerd bezoeker, maar heb je nog niet ingelogd? Dan kun je dat hier alsnog doen: